Na 3 dagen Werchter (04-05-06/07), Death Cab for Cutie (08/07, Rivierenhof), Leonard Cohen (10/07, Minnewaterpark) en Cactusfestival (12-13/07, Minnewaterpark) voel ik me een weinig vermoeid.
Bijzaak! Wat is me van de voorbije dagen bijgebleven?
Werchter: de niet onaardig rockende Jim James (My Morning Jacket – waar is de tijd toen we hen zagen in het Minnewaterpark? James vond er toen niets beter op dan een tetrapak fruitsap het publiek in te keilen, met alle gevolg van dien (fruitsapdouche, etc). De brave man was er danig van aangedaan, ‘Sorry about the juice!’. Maar we wijken af!) Tevens onder de indruk van die andere rocker: Neil Young. Wat hadden we nog? Patrick Watson! Verder het surrealistische Sigur Ros, vooral dan dat ze op het hoofdpodium speelden, de schemering in, en het publiek bleven boeien tijdens hun 70 minuten durende set. Prachtig! Evenzeer fantastisch, doch minder genoten wegens onbedaarlijk duwende en wringende mensen die me achteruit dwongen: Radiohead, met aardig wat nummers uit hun laatste, meesterlijke In Rainbows.
Bon. Voor mijn part mocht Werchter hier stoppen. Maar er was nog een dag! Al bleef ik bij voorgaande gedachte. Weinig boeiends gezien, wel een leuk swingende Mark Ronson en, correctie, wel iets boeiends: de snorrende snor, alias Grinderman.
Ik heb me -daar gaan we!- weer heerlijk (al dacht ik er toen anders over) geërgerd aan wildplassende medemensen, met als triest dieptepunt een vent die gewoonweg tussen het publiek stond te pissen. Aan mannen -niet zelden met ontblote pens- die er niets beter op vonden dan omstaanders te irrigeren (en irriteren) met pintjes (aan 2,50 Euro- TWEEËNEENHALVE EURO!) die ze doodleuk in het rond smeten. Geërgerd aan al die praters, waarbij ik me afvroeg wat ze in godsnaam op een muziekfestival kwamen doen. Geërgerd aan duwers en trekkers, aan mensen die ’s avonds op de grond bleven zitten en liggen en mij, licht nachtblind, deden struikelen. Aan mensen die aan die verdomde sigaretten bleven lurken en de rook in mijn nek bliezen (vermengd met look-en biergeur). Ja, soms vroeg ik me af wat ik er eigenlijk zelf zat te doen.
Niks nieuws onder de zon dus. Zolang ik dat geërger maar kan relativeren, nietwaar? Zolang er maar goede muziek is, zeg ik altijd.
Death Cab for Cutie: Ik was nog nooit in ‘et Rivierenof‘ te Deurne geweest en ik moet zeggen, het was een aangename verrassing! Ook het concert zelf was best ok, steeds beter wordend naar het einde toe.
Leonard Cohen: What can I say? Wat een avond, wat een avond! Muzikaal misschien niet altijd even sterk -letterlijk dan, al werden de muzikanten méér dan voldoende – zowat na ieder nummer – bedankt door de meester. Dat werd echter ruimschoots goedgemaakt door een schitterende Cohen. ’s Mans parchtige liederen passeerden de revue en rond 23 uur bedankte hij het nog steeds enthousiaste publiek en nam afscheid. ’Remember me. I hope to see you again, somewhere, sometime.’ Ontroerend!
Cactusfestival: ‘t Is me wat, al dat familiegedoe. Al die rondhossende kleine kinderen, krampachtig op zoek naar een lege beker om die te gaan inruilen voor 10 cent… Maar goed, bijgebleven: Pinback (wat heeft iedereen trouwens toch tegen hun laatste cd?) en, jazeker, de mannen van ‘laten we de set snel afwerken‘ Dinosaur Jr. Verder genoten van een veel te vroeg geprogrammeerd Phosphorescent. ’s Avonds nog gebleven tot en met Sophia, met een iets of wat onevenwichtige set. Vond ik toch. Maar: The River Song, dat blijft’m het toch doen!
Zo. Dat was dan dat. Even een rustpauze, wat concerten betreft.
Allemaal goed en wel, maar wat doet die foto van dat fietske hierboven?
Ik heb nu al enkele weken gebruik kunnen maken van m’n Brompton, ik heb er zowaar al enkele langere tochtjes mee gemaakt en fiets sinds deze week naar m’n werk (10 minuten onderweg!).
Lang leve de zwakke weggebruikers!




vouwfietskes rule!
een mede-zwakke-weggebruiker